Vergeten Verzet van Dirk Bons en zijn zoons

               Vernoemd in een Amsterdamse straat, daarna weinig genoemd

1800 parels zonder snoer, ...   

Niet te geloven toch, 1800 onderduikbemiddelingen? 

Misschien speelt het wel een rol in de afwezigheid van Dirk Bons in 'Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog' van Loe de Jong. Als hij of een medewerker al enige Bons-documentatie heeft gezien, het werd niet geloofd. Die 1800 vluchtelingen in de eigen regio opvangen, 1800 schuiladressen zoeken, ze geregeld bezoeken zelfs, om ze moed in te spreken.

Dat kan ik ook nauwelijks geloven, hooguit dat sprake is van de spreekwoordelijke kern van waarheid in de drie essentiële publicaties 'Hun naam leeft voort...', de Eerebegraafplaats-biografie en De Zwerver (Motivatie).

Twee modale stadsschouwburgen, de Stopera (plattegrond hiernaast) heeft geen plaats voor 1800 bezoekers. Zoveel keer een klein risico leidt toch tot nagenoeg honderd procent pakkans! Je hoeft geen wiskundige te zijn om dat te begrijpen. En Dirk Bons is niet gepakt voor onderduikhulp.

Ooit geloofde ik die drie beschrijvingen, had ik de illusie dat te bewijzen. Bij mijn twee reizen van Deventer naar Stadsarchief Amsterdam en het Niod hoopte ik een overzicht op te sporen van de 1800-verzameling. Dat moest geïnventariseerd zijn, bijvoorbeeld voor die straatnaamgeving, redeneerde ik nog argeloos.

Viel zwaar tegen. Ik vrees inmiddels zelfs een half overzicht nooit te vinden. 

In de loop van de oorlog is steeds minder beschreven, werd alles mondeling afgesproken. Op het laatst was het in de ondergrondse verboden aantekeningen te maken, zijn documenten uit de onnozele begintijd vernietigd. Dan nog kostte een verschrikkelijke onvoorzichtigheid met herkenningplaatjes in een wapendepot (Zijpe 1945, eerste citaat) nogmaals tien strijders het leven.

Coördinatie voor tien procent, 180 onderduikers, veertien voetbalteams met reserves, is al een klus als een hel; echt letterlijk. Zelfs deze omvang van onderduikhulp vond ik niet bij anderen in 'Hun naam leeft voort'. De Amsterdamse organisatie telde ongetwijfeld veel subcoördinators en ‘subsubs’. Dankzij de initiatieven van Dirk Bons herbergden zij onderduikers, zonder hem te kennen. Ook dat werd in de loop van de oorlog een wet in de ondergrondse: zo min mogelijk directe contacten. Je ging ze toch verraden als de negende nagel uit je vingers werd getrokken.

Als er al sprake zou zijn geweest van een snoer met 1800 parels, dan is het gebroken. De familie Bons balanceerde voortdurend op de rand van een ravijn, de parels zijn naar alle kanten weggestuiterd en -gerold.

Directeuren van multinationals kennen nog geen tien procent van hun werknemers. Zo was het ook bij Dirk Bons, lijkt me. Hij mobiliseerde tientallen regelaars, direct en indirect, en droeg zo verantwoording voor die 1800.

Maar dat alles valt niet keihard te bewijzen. Omdat er te weinig documentatie bestaat, bij elke onbenullige notitie hele verzetsgroepen konden worden opgerold.

Mailcontact: gerard@dirkbons.nl

Volgende pagina: Diamantje